Cylisticus convexus

Nederlandse naam: Grote gaper

System-Map-icon

 

Cylisticus convexus

Beschrijving:

Tamelijk sterk gewelfd, en rolt zich bij gevaar op, net als een Armadillidium, maar niet tot een volkomen gesloten kogeltje en de lange antennen en uropoden blijven naar buiten steken. Op de onderzijde met vijf paar longen die als twee rijen witte vlekjes afsteken. De kop met een spitse mediane lob. 12,5 - 14mm.
Bron: (Berg en Wijnhoven, 1997)

Habitat:
De natuurlijke habitat van C. convexus bestaat uit stenen aan de voet van kliffen en vloedmerken. De stenen zijn meestal sterk geëxponeerd en vegetatie is afwezig of schaars en open van structuur. Door deze voorkeur kan hij kennelijk synantrope, verstoorde habitats koloniseren. De meeste waarnemingen in België zijn van die aard. Een grotere populatie werd gevonden in de Gaume eveneens onder steenhopen nabij een kalkgrasland.

Ecologie:
Deze landpissebed is een warmteminnende, droogtetolerante soort die aan synantrope habitats is gebonden. De natuurlijke vindplaatsen liggen nabij grote wateren, vaak in de buurt van de kust.

Verspreiding in België:
Zeldzaam, verspreid in het zuidoosten. Voorlopig slechts één bekende populatie in de Gaume.
Bron: Waarnemingen.be, Wouters et al. 2000

Verspreiding in buurlanden:
Nederland: Zeer zeldzaam (Berg et al. 2008); Groot-Brittannië: vrij zeldzaam, verspreid (Harding & Sutton 1985); Duitsland: vrij zeldzaam, verspreid (Gruner 1966, Jörg Spelda pers. med. 2005).

Literatuur:
Harding & Sutton (1985: ecologie), Berg et al. (1999b: ecologie), Berg et al. (2008).

Afdrukken E-mail

© 2014-2018 - Spinicornis.be