Armadillidium vulgare

Nederlandse naam: Gewone oprolpissebed

System-Map-icon

Armadillidium vulgare

Beschrijving:

De grootste oprolpissebed in België. In opgerolde toestand zitten de antennen volledig in het bolletje. Het is de enige soort die zich tot een perfect bolletje kan oprollen. De frontale driehoek (scutellum) tussen de ogen steekt niet uit boven de kop en de rand van de driehoek loopt niet tot aan de ogen. De kleur is zeer variabel, van donkergrijs, tot lichtbruin met gele vlekken op de rug. Kop soms contrasterend donkerder (wat ook bij Bosoproller het geval kan zijn). Gewone oprolpissebed kan gevlekt zijn maar heeft nooit een zwarte vlek op de zijkanten van het zevende lichaamssegment zoals bij Kleur- en Prachtoproller. Het telson is kort en afgesneden, maar minder stomp dan bij Bosoproller. Tot 20 mm (5,5 – 7,5 mm opgerold).

Habitat:

Een soort van open terreinen. Zeer droogteresistent en hittebestendig en komt daarom ook voor op zeer droge en warme plaatsen. Een van de weinige soorten pissebedden die daarom ook dag-actief kan zijn, zelfs in volle zon. Vaak één van de meest algemene soorten in droge schrale weilanden. Algemeen in bosranden, maar zelden in (gesloten) bossen op meer dan 20 m van de bosrand. Ook een goede cultuurvolger. De soort wordt vaak gevonden nabij bebouwing, op kerkhoven, zandgroeves en in grasbermen. Het (deels) ontbreken van de soort in de Kempen en de Ardennen heeft waarschijnlijk te maken met de zuurdere bodems. Lijkt in Oost-België deels vervangen te worden door Bosoproller. Goed te inventariseren door het omdraaien van stenen en dood hout, maar ook met bodemvallen.

Verspreiding in België:

Zeer algemeen in het centrum van het land. Lijkt grotendeels te ontbreken in de Ardennen. Ook opvallend minder algemeen in de Kempen. In Vlaanderen de meest voorkomende oprolpissebed.

EN

Very common in most of the country, but rarer or absent on more acid soils of the Ardennes and Campine region. Open habitat species with high drought resistance. Often on anthropogenic soils like graveyards, sand quarries and roadside verges. Common in forest edges, but mostly absent from forest interiors.

FR

Très commun dans la majeure partie du pays, mais plus rare ou absent sur les sols plus acides de l’Ardenne et de la Campine. Espèce d’habitats ouverts très résistante à la sécheresse. Souvent en milieu anthropique (cimetières, carrières de sable, bords de route…). Commun en lisière de forêt, mais généralement absent à l’intérieur de celles-ci.

Verspreiding in buurlanden:

Een Europese soort die in de hele wereld via menselijk transport is geïntroduceerd.

Literatuur:

Vandel (1960, 1962), Gruner (1966), Hopkin (1991), Berg & Wijnhoven (1997).

Afdrukken E-mail

© 2014-2020 - Spinicornis.be