Miktoniscus patiencei

Nederlandse naam: Zwartoogje

System-Map-icon

Beschrijving:

Ongepigmenteerde en kleine pissebed met duidelijke dwarse rijen knobbels op de pereionieten. De ogen bestaan uit één zwarte ocel en zijn opvallend klein. 2 à 3 mm.
Bron: (Berg en Wijnhoven, 1997)

Habitat:
Het Zwartoogje (Miktoniscus patiencei) is gebonden aan de kust, maar hij is waarschijnlijk niet zoutbehoevend. Hij leeft in de supralitorale zone in of in de buurt van het hoogst gelegen vloedmerk langs kwelders, dijken en in kleine haventjes.
Zijn voorkeur gaat uit naar humusrijke bodems, waar hij zich ophoudt tussen de wortels van graspollen, zeerus en gewone zoutmelde, die op of boven het vloedmerk groeien, of onder aangespoeld grof hout in het vloedmerk.
Hij is ook te vinden in humusarme bodems, op en onder vochtige ruwe stenen die in lemige grond met grof zand liggen, vaak gemengd met schelpgruis en niet verder dan 50 m van het vloedmerk, of tussen de wortels van strandkweek in de holtes tussen basaltblokken op strekdammen.
Bron: Pissenbeddenproject.nl

Verspreiding in België:
Oorspronkelijk. Zeer zeldzaam.
Slechts enkele gekende waarnemingen in België, allen in de Ijzermonding in Nieuwpoort (West-Vlaanderen).
Verder onderzoek is noodzakelijk om een beter beeld te krijgen op de verspreiding van het Zwartoogje (Miktoniscus patiencei) in België.
Bron: Lock & Durwael 2000

Verspreiding in buurlanden:
Nederland: zeldzaam, lokaal in Zeeland (Berg et al. 2008); Groot-Brittannië: zeer zeldzaam, langs de zuidkust (Harding & Sutton 1985); niet in Duitsland.
Bron: Pissenbeddenproject.nl

Literatuur:
Harding & Sutton (1985: ecologie), Berg et al. (2008).

Afdrukken E-mail

© 2014-2018 - Spinicornis.be